Ga naar de inhoud

Hoe pakt een gemeente overlast van coffeeshops aan?

Kees Damhof ·
Gemeentelijke handhaver controleert klembord voor een Nederlandse coffeeshop op een stille straat met bakstenen gevels en een fiets.

Een gemeente pakt overlast van coffeeshops aan via een combinatie van lokaal beleid, gerichte handhaving en samenwerking tussen gemeente, politie en omwonenden. De aanpak verschilt per gemeente, afhankelijk van het aantal coffeeshops, de locatie en de aard van de overlast. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over coffeeshopoverlast en wat gemeenten eraan kunnen doen.

Welke vormen van overlast veroorzaken coffeeshops in gemeenten?

Coffeeshops veroorzaken in gemeenten vooral overlast in de directe omgeving van de vestiging. Denk aan geluidsoverlast, rondhangende bezoekers, parkeeroverlast door toeristen en drugsgebruik op straat. Daarnaast zijn er indirecte vormen van overlast, zoals de aanwezigheid van straathandel in de buurt van een coffeeshop door mensen die niet aan de toegangseisen voldoen.

De meest voorkomende vormen van overlast zijn:

  • Geluidsoverlast door bezoekers die voor of na een bezoek buiten verblijven
  • Overlast van drugstoerisme, waarbij bezoekers van buiten de gemeente voor extra drukte zorgen
  • Parkeer- en verkeersoverlast in woonwijken nabij een coffeeshop
  • Straathandel en illegale verkoop in de omgeving van de coffeeshop
  • Overlastgevend gedrag van bezoekers in de openbare ruimte
  • Geuroverlast voor omwonenden

Niet elke coffeeshop veroorzaakt evenveel overlast. De locatie speelt een grote rol: een coffeeshop in een drukke winkelstraat leidt tot andere problemen dan een vestiging in een woonwijk. Ook het beleid van de exploitant zelf, zoals het actief aanspreken van bezoekers op hun gedrag, heeft invloed op de mate van overlast.

Welke bevoegdheden heeft een gemeente om coffeeshopoverlast te beperken?

Gemeenten beschikken over meerdere juridische instrumenten om coffeeshopoverlast te beperken. Via de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) en het lokale coffeeshopbeleid kunnen zij voorwaarden stellen aan de exploitatie, locatie en openingstijden van coffeeshops. De burgemeester heeft bovendien de bevoegdheid om een coffeeshop tijdelijk of permanent te sluiten bij aanhoudende overtredingen.

Gemeenten kunnen onder meer de volgende maatregelen inzetten:

  1. Vestigingsbeleid: Via een maximumstelsel bepalen hoeveel coffeeshops er in de gemeente mogen zijn en waar ze zich mogen vestigen.
  2. Afstandscriteria: Het opleggen van minimumafstanden tot scholen, speelplaatsen of woongebieden.
  3. Openingstijden reguleren: Beperkingen aan de openingstijden om overlast in de avond en nacht te verminderen.
  4. Gedoogvoorwaarden aanscherpen: Extra eisen stellen aan exploitanten, zoals verplichte toezichthouders buiten de deur of actief bezoekersbeheer.
  5. Bestuurlijke sluiting: Bij herhaaldelijke overtredingen of openbare ordeverstoringen kan de burgemeester overgaan tot sluiting.

Belangrijk is dat coffeeshops weliswaar gedoogd worden, maar niet legaal zijn in de formele zin. Dit geeft gemeenten ruimte om streng op te treden wanneer de exploitant de gedoogvoorwaarden overtreedt. Een goed onderbouwd lokaal coffeeshopbeleid is daarvoor een essentiële basis.

Hoe werkt handhaving rondom coffeeshops in de praktijk?

Handhaving rondom coffeeshops is in de praktijk een samenspel tussen gemeente, politie en soms ook de openbare orde-toezichthouders van de gemeente zelf. De politie handhaaft de strafrechtelijke kant, zoals het optreden tegen straathandel. De gemeente treedt op via het bestuursrecht, bijvoorbeeld bij overtreding van de gedoogvoorwaarden.

Effectieve handhaving vraagt om een heldere taakverdeling en goede communicatie tussen de betrokken partijen. In de praktijk zien gemeenten dat handhaving het meeste effect heeft wanneer zij proactief werkt: regelmatige controles, snelle opvolging van meldingen van omwonenden en duidelijke afspraken met exploitanten over wat er van hen verwacht wordt.

Een aandachtspunt is dat handhaving alleen niet voldoende is om structurele overlast op te lossen. Als de oorzaak van de overlast ligt in de locatiekeuze of het ontbreken van duidelijk beleid, lost meer toezicht het probleem niet fundamenteel op. Dan is het tijd om het beleid zelf te heroverwegen.

Wat kunnen gemeenten leren van elkaars coffeeshopbeleid?

Gemeenten kunnen veel leren van hoe andere gemeenten omgaan met vergelijkbare uitdagingen rondom coffeeshops. Ervaringen met het verplaatsen van coffeeshops naar de rand van de stad, het invoeren van een besloten clubmodel of het aanscherpen van gedoogvoorwaarden bieden waardevolle lessen voor gemeenten die hun eigen beleid willen verbeteren.

Wat in de praktijk goed werkt, is het systematisch vergelijken van aanpakken in gemeenten met een vergelijkbare omvang en problematiek. Daarbij is het niet alleen interessant om te kijken naar wat werkt, maar ook naar wat niet werkt en waarom. Zo voorkomt een gemeente dat zij het wiel opnieuw uitvindt of dezelfde fouten maakt.

Landelijke kennisdeling via platforms van gemeenten, onderzoeksrapporten en evaluaties van bestaand beleid zijn daarvoor goede bronnen. Een onafhankelijk onderzoeksbureau kan helpen om die lessen systematisch in kaart te brengen en te vertalen naar de specifieke situatie van een gemeente. Bekijk de eerdere projecten voor voorbeelden van hoe dit in de praktijk werkt.

Wanneer is onderzoek naar coffeeshopoverlast zinvol voor een gemeente?

Onderzoek naar coffeeshopoverlast is zinvol wanneer een gemeente beleid wil ontwikkelen, evalueren of aanscherpen en daarvoor onvoldoende feitelijke onderbouwing heeft. Ook politieke druk vanuit de gemeenteraad, nieuwe wet- en regelgeving of een toename van meldingen van omwonenden kunnen aanleiding zijn om een coffeeshoponderzoek te laten uitvoeren.

Concrete situaties waarin onderzoek meerwaarde biedt:

  • De gemeente wil haar coffeeshopbeleid herzien en heeft actuele cijfers nodig over de omvang en aard van de overlast
  • Er is politieke discussie over het aantal coffeeshops of de vestigingslocaties
  • Omwonenden klagen structureel over overlast, maar de gemeente heeft onvoldoende inzicht in de oorzaken
  • Een bestaand beleid wordt geëvalueerd en de gemeente wil weten of de maatregelen effect hebben gehad
  • De gemeente overweegt een nieuw instrument, zoals een besloten clubmodel, en wil de haalbaarheid en effecten in kaart brengen

Goed onderzoek geeft gemeenten niet alleen inzicht in de problematiek, maar ook een stevige basis om beleidskeuzes te verantwoorden tegenover de gemeenteraad en betrokken bewoners.

Hoe Breuer & Intraval gemeenten helpt bij coffeeshopoverlast

Breuer & Intraval voert al meer dan 30 jaar onderzoek uit voor gemeenten die te maken hebben met vraagstukken rondom coffeeshops, openbare orde en leefbaarheid. Of het nu gaat om een eerste verkenning van de overlastproblematiek, een evaluatie van bestaand coffeeshopbeleid of een vergelijkend onderzoek naar aanpakken in andere gemeenten: het bureau biedt onafhankelijke, praktijkgerichte inzichten waarmee beleidsmakers direct aan de slag kunnen.

Wat Breuer & Intraval daarin biedt:

  • Kwalitatief en kwantitatief onderzoek naar de aard en omvang van coffeeshopoverlast
  • Evaluatie van bestaand coffeeshopbeleid en gedoogvoorwaarden
  • Vergelijkend onderzoek naar beleid en aanpakken in andere gemeenten
  • Concrete beleidsadviezen die aansluiten bij de lokale situatie
  • Ervaring met zowel kleine als grote gemeenten, landelijk werkend

Wil je weten wat Breuer & Intraval voor jouw gemeente kan betekenen? Bekijk de expertises of neem direct contact op voor een vrijblijvend gesprek over jouw vraagstuk.

Gerelateerde artikelen

Impact door samenspel

Breuer&Intraval, RBO en Partoer. Drie bedrijven die al tientallen jaren op eigen wijze in de markt staan. Elk in een deel van de markt waar ze het verschil maken met hun kennis en expertise. Toch besloten we een paar jaar geleden samen verder te gaan en daar plukken onze klanten de vruchten van.